De onzichtbaren……

In de jaren ’50 en ’60 was er van enige emancipatie nauwelijks sprake: vrouwen werden veelal veroordeeld tot het volgen van hun man, want hij was de grote baas in huis. Hij bracht meestal het geld binnen en moeder de vrouw stond achter het fornuis.

Toch werden in die tijd onzichtbare processen zichtbaar doordat homo’s massaal uit de kast kwamen en vrouwen, veelal lesbiënnes, niet langer de kaas van hun brood lieten eten. Ze verenigden zich in groepen als ‘de dolle Mina’s ‘ en streden voor “Baas in Eigen Buik”. Een prachtig initiatief om de autonomie op te eisen, weliswaar met argusogen bekeken door de kerk en de behoudende massa.

Aan het massaal uit de kast komen van homo’s gingen eeuwen van onderdrukking vooraf. Men wilde niet langer als Untermensch bekeken en beoordeeld worden. De homo’s wilden gezien worden als mensen met een seksueel verlangen, wat gericht was op het eigen geslacht. Een liefdesrelatie-vorm die tot dan toe alleen maar veroordeeld werd.
Door de bundeling van beide emancipatie-processen werden veel heilige deurtjes ingetrapt en kwamen bestaande waarden en normen onder vuur te liggen. Door wie waren die destijds opgelegd en waarom?

En opnieuw zagen we dat de kerk hierin een belangenstrijd gevoerd had. Vrouwen waren eeuwenlang ook als Untermensch gezien door de kerk en waren niet volwaardig aan mannen. Homo’s waren een bedreiging omdat zij niet zorgden voor een nageslacht. De kerk had troeven in handen, maar de emancipatiegolf was niet meer te stoppen.

De ‘onzichtbaren’  waren zichtbaar geworden en zouden zich nooit meer terug in de kast laten duwen en op Europees niveau zag je dat deze beweging overal plaats vond. De studentenrevoltes in Parijs, de oproer in Berlijn, de Maagdenhuis-bezetting in Amsterdam. Het bruiste overal.

Mensen kwamen uit de kast en eisten hun autonomie op. Nieuwe maatschappelijke vormen kregen kans van slagen en voor vrouwen begon het opeisen van een plek op de arbeidsmarkt. Veel vrouwen gingen buitenshuis werken en vertrouwden hun kroost toe aan opa en oma en de oppashulp.

Seksualiteit was plotseling een bespreekbaar thema. Organisaties stonden op om mensen te informeren en de pil of het condoom hoefde niet meer onder de toonbank verkocht te worden. Al was in heel veel plaatsen dit lang gemeengoed omdat niet iedereen seksueel communicatief was.

Relatie-vormen en experimenten kwamen op en verdwenen weer net zo vlot omdat men weliswaar nieuwe vormen bedacht maar de oude moraal soms nog teveel op de voorgrond stond.

In die tijd heb ik geleefd, geëxperimenteerd en heb ik mijn eigenheid ontdekt. Ik was lang het huis uit – al vanaf mijn 16e jaar – en ontdekte dat er een ander leven mogelijk was dan in het bekrompen dorp waar ik vandaan kwam.

Op het moment dat ik echter zelf uit de kast kwam en het mijn ouders vertelde, reageerde mijn moeder: “Ik had nog liever dat je kanker had!”

Het sloeg in als een bom, al had ik wel snel begrip voor haar opmerking, plaatsend in de context van het dorp en haar intellectuele achtergrond. Ze had geen referentiekader en was alleen maar bang dat ik me zou ‘vergrijpen’ aan kinderen. Ik was immers net onderwijzer. Zo ver stond het thema homoseksualiteit af van haar belevingswereld.

Nu merk ik dat alle ouders die te maken krijgen met een homo-zoon of dochter worstelen met die andere manier van kijken naar seksualiteit. “Er bestaat niks vies in seksualiteit, het zijn hooguit de eigen gedachten die je projecteert op de ander!” heb ik jarenlang mijn studenten voorgehouden. Maar dit veronderstelt wél dat je over je eigen seksualiteit kunt praten en bereid bent je ervaringen te delen.

Die periode is moeizaam op gang gekomen. Bij mijn studenten aan de hogeschool deed ik altijd een ‘seksspel’ om het gesprek te activeren aan de hand van 60 confronterende vragen over seksualiteit. Ik hoor mijn directeur nog zeggen: “Loek wat doe jij toch in jouw college-zaal, het water loopt van de ramen!” De energie was altijd wat ‘verhit’ wanneer dit onderwerp ter sprake kwam en die warmte sloeg neer op de koude ramen.

Nu met mijn huidige studenten, die de opleiding volgen tot therapeut, komt dit thema ook terug met hetzelfde seksspel. En dan merken we dat de vragen nog actueel zijn en de drang om zichzelf te manifesteren eveneens om uiteindelijk seksueel vaardiger te worden.

Praten over je eigen seksualiteit is een vereiste voor onze therapeuten in opleiding zodat ze nooit met hun mond vol tanden staan, aangezien de meeste problemen voortkomen uit een slechte seksuele communicatie binnen de relatie. “Neuken kan elke boerenlul, maar vrijen kunnen maar weinig mensen!” was mijn opmerking onlangs tijdens een symposium en in de pauze werd ik alleen maar bevestigd toen mensen hun pijn mij toevertrouwden.

Seksualiteit is een fenomeen, wat niet vraagt om bezoedeling, maar om eerbied, respect en de ontwikkeling van de eigen vaardigheden daarin. Het zou voor veel mensen nuttig zijn om eens een erotische massage te ondergaan zodat ze het eigen lichaam leren kennen. Ga dan wel naar een kundig iemand en stap niet binnen in een Thaise massage-salon omdat die veelal vertrekken vanuit prostitutie. Ik heb het over een kundige, respectvolle en discrete masseur/masseuse die jou je laat voelen alsof je in de 7e hemel bent.

Mocht je vragen hebben m.b.t. dit artikel, bekijk dan nog eens de prachtige documentaire op Canvas: Les Invisibles. Heb je behoefte aan een naam, adres van een erg goede erotische masseur, dan wil ik je die graag geven.

In de jaren 80 is er over ons leven en de strijd in Ammerzoden een prachtige 3-delige documentaire gemaakt door de IKON met als titel: “Hoera, een homo!?”

Mocht je kans hebben om die alsnog te zien, dan zul je verbaasd zijn over de agressie en intolerantie van mensen t.o.v. homo’s. Peter-Jan heeft destijds ‘gewonnen’ maar het was ook het begin van zijn ‘omwenteling’: van onderwijzer naar therapeut.

Op 01-08-2015, categorie: Blog door peterjan
One Response to De onzichtbaren……
  1. Je beschrijft in heldere lijnen, waar thematiek en chronologie elkaar goed raken, wat de volle omvang en importantie is. Toen wij in die “Hogeschool-tijd” aanliepen tegen de grenzen van de directie bij het organiseren van een begeleidende tentoonstelling bij een Homo-week in 1983 aan de Nieuwe Lerarenopleiding in Tilburg verzonnen we een list. We hingen posters op met teksten als “Hier had u twee kussende mannen kunnen zien”. We hebben de directie daarmee recht in het gezicht gekeken.

    Anno 2015 denk ik dat de rechten nog steeds niet goed geborgd zijn in Artikel 1 van de grondwet. Rechters worden in verlegenheid gebracht, laat staan de betroffenen, als een werkgever een transexueel / transgender ná zijn of haar operatie niet meer representatief genoeg vindt. En ook sommige homosexuelen vinden in Artikel 1 te weinig houvast in specifieke situaties. Tenslotte zijn gehandicapten, van welke aard dan ook, het haasje als het verwachtingspatroon van de gezaghebbende niet strookt met de werkelijkheid.

    De tijd is rijp voor een Artikel 1B, waarin dit goed geregeld is!

    Een wild zijpad mijnerzijds: ik ben zo blij met het atoom-akkoord met Iran. Natuurlijk neem ik er geen vergif op in. Toch heb ik vertrouwen in de middenklasse die uit verdraagzame mensen bestaat en terrein winnen. Ze kunnen de katalysator van het Verre Oosten worden. En wat wordt dat onderschat.

    In de zeventiende eeuw stuurde een Duitse Vorst een missie naar Perzië om te begrijpen waarom daar wel verschillende geloven op één kussen konden liggen. De missieleden waren “flabbergasted”.

    “Als U begrijpt wat ik bedoel”, om met Maarten Toonder te spreken.

Leave a Reply Cancel Reply

Cancel Reply