Dat waren nog eens andere tijden….

Het is 1967 en ik heb juist mijn intrek genomen in het internaat van de Broeders van Liefde in Dongen omdat ik onderwijzer wil worden. Ik wilde persé zelf naar het internaat omdat er bij ons thuis geen studie-sfeer hing. Ik had al enorm moeten knokken om mijn middelbare school af te maken want van het hoofd van de lagere school zat dat er niet in en was een arbeidersjongen beter af op een technische school. Ik weigerde pertinent en koos daarom zelf voor het internaat om uit het beperkt denkende dorp weg te komen.

Eindelijk de grote wereld in, nou ja Dongen!

Op het internaat liep alles volgens strenge regels: zo laat opstaan, zo laat ontbijten, dan de lessen volgen, lunch en recreatietijd, opnieuw lessen volgen en dan studietijd. Daarna was er tot 22.00 uur recreatie. Daar ging ik nauwelijks heen want er stond een biljart en er werd gekaart. Beide ‘sporten’ hoorden niet tot mijn bagage. Ik bleef op mijn kamer, had stiekem een elektrisch komfoortje binnen gesmokkeld om zelf oploskoffie te zetten, met als gevolg dat er een komen en gaan was van medestudenten die ook een kop koffie kwamen drinken. Het was meer dan een zoete inval, we discussieerden over de ‘nieuwe wereld’ die wij vorm gingen geven. Vol idealen waren we en terwijl de nozems en provo’s in Amsterdam van zich lieten horen, bouwden wij aan een andere wereld. Een wereld van gelijkheid, vrijheid en broederschap.

Toch werd ik op een ochtend enorm verrast toen één van onze medestudenten niet aan tafel verscheen. Waar was hij? “Hij moet van Broeder Directeur zijn koffers pakken en vertrekken!”

“Maar waarom?”

“Hij is homo en voor hem is geen plaats op het internaat!”

Ik schrok, zelf nog niet wetende dat ik ook homo ben, ik was nog niet uit de kast gekomen en flirtte nog met meisjes. Ik vond het een onrecht.

We hadden die ochtend Franse literatuur van Broeder Directeur en één van mijn vrienden – Ignace Crooymans – stond op en vroeg aan de directeur waarom die student het instituut moest verlaten. Daarop reageerde de directeur, alsof hij door een wesp was gestoken: “Jij kunt nu vertrekken en mag een week lang niet terugkomen…!”

En Ignace droop af. Cor van Hout pruttelde tegen en mocht ook onmiddellijk het instituut voor één week verlaten.

Ik was aan de grond genageld. Wat een autoritaire opstelling! Ik deed echter niks, dook in elkaar en was bang. Bang hoeveel macht de directeur had of naar zich toegetrokken had. Ik ben vaak getuige geweest van zijn niet-te-begrijpen beslissingen. En als ik dan vijf jaar later afstudeer vraagt de directeur mij op zijn kamer en geeft me complimenten voor mijn inzet, maatschappelijke betrokkenheid en mijn grote kunst om met moeilijke klassen te werken. “Jij zult slagen in het leven Loek, want je hebt je  levensopdracht als een roeping aanvaard!”

Ik bracht niks meer ter sprake en jaren later, de directeur was ernstig ziek, sprak ik hem en vertelde over de voorvallen. “Ik zag wel dat je schrok, ik kon destijds niet anders, maar ik zag in je ogen ook dat het niet juist was wat ik deed, maar doordat jij niet agressief reageerde, bleef ik bij mijn beslissing omdat ik bang was mijn autoriteit te verliezen. En jij Loek hoeft nooit bang te zijn om je autoriteit te verliezen. Ik had hem ongevraagd gekregen vanuit de congregatie en jij hebt een persoonlijke autoriteit over je. Ga daar zuinig mee om!”

En zo nam ik afscheid van Broeder Directeur, jaren later en na een maand was ik aanwezig bij zijn begrafenis. Hij had schoon schip gemaakt.

Ik was geen Provo geworden, maar protesteerde in stilte en dat is nooit meer weggegaan!

Ignace Croooijmans werd theoloog  (aalmoezenier in het leger) en is veel te vroeg gestorven.

Met Cor van Hout ging ik op kamers wonen en na de afronding van de studie zijn we elkaar volledig uit het oog verloren.

Ikzelf ben gaan werken in Berkel-Enschot en moest daar na één jaar vertrekken omdat mijn onderwijsopstelling niet overeen kwamen met hetgeen het hoofd van de school wilde. Daarna gewerkt in Oosterhout bij een innovatieve directeur waar ik alle ruimte kreeg om theorieën vanuit mijn vervolgstudie (ik studeerde in de avonduren pedagogiek) te integreren in de praktijk. Werken met partieel leerplichtigen in Leerdam vond ik zwaar. Werken aan de Havo en later de lerarenopleiding gingen me beter af. Uiteindelijk koos ik voor de faculteit pedagogiek in Tilburg, waarna ik samen met Peter-Jan een eigen opleidings- en trainingscentrum begon als tegenpool van de reguliere gezondheidszorg. “De mens moet weer heer en meester worden van het eigen leven en zich niet laten leiden door autoriteiten die zeggen wat goed is voor hem of haar” was ons uitgangspunt. Sinds 1985 leiden we samen het Internationaal Holistisch Centrum, educatie in coaching en counseling.

Op 23-08-2015, categorie: Blog door peterjan
6 Responses to Dat waren nog eens andere tijden….
  1. Beste Loek,

    Zojuist las ik je blog “dat waren nog een andere tijden” en vind het frappant die houding van die directeur .
    Hier speelde angst kennelijk weer een rol. Terwijl hij in jouw ogen las dat hij het anders zou moeten doen.
    Bijzonder ook dat opstaan en van je laten horen maar 1 manier van reageren is.
    We mogen allemaal ons eigen unieke naar buiten leren brengen.
    En nu hoor je jaren later wat jouw manier voor effect had.
    Angst om jezelf te zijn levert zoveel onduidelijke schijntoestanden op.
    Jullie opleiding draagt hele belangrijke stenen bij in het leven van jullie studenten. Alle goeds in het nieuwe leerjaar!

    Atie Bos
    http://www.lesbusserolles.eu
    http://www.atiebosengelenadvies.eu

  2. hilde d'Aubioul
    23-08-2015 at 13:37

    Ik herken de autoriteit die je nooit hebt opgegeven. Dat vraagt moed en zet je ook vaak in een eenzame positie. De maatschappij, gezin en context leggen ons vaak normen en waarden op waaraan we moeten voldoen als we een volwaardige plaats willen innemen op de arbeidsmarkt, wanneer we iemand willen zijn die er bij hoort! Daardoor verliezen we vaak onze ware identiteit. We gaan ons aanpassen, inpassen om te voldoen aan de gedragsregels opgelegd door allerhande instanties en verloochenen wie we werkelijk zijn. Later als ik genoeg geld heb verdient dan ga ik mijn droom waarmaken, later als mijn kinderen groot zijn kan ik eindelijk…later…
    Bij de meeste mensen blijft het bij later…Er is altijd wel weer een reden om je eigen leven niet in handen te pakken en gewoon mee te lopen met de kudde. Dat is de makkelijkste weg. Autenticiteit, je leven leiden zoals het voor jou goed voelt en niet omdat het zo hoort, daar is moed voor nodig. De moed om vaak tegen de stroom in te zwemmen.
    Zelf heb ik ervaren hoe moeilijk het is om trouw te blijven aan jezelf. Vaak is er een ingrijpende gebeurtenis nodig om je het roer te laten omgooien. Bij mij gebeurde dat na mijn echtscheiding. Ik zat aan de grond en wist me met mezelf geen raad. Toch was er dat innerlijk stemmetje dat riep. Toen ben ik bij het IHC terecht gekomen. Dat was voor mij een keerpunt in mijn leven. Ik kwam mezelf daar flink tegen maar had het gevoel eindelijk weer mijn leven zelf in handen te nemen. Daarna ging ik pedagogiek studeren en wederom had ik het gevoel nu zelf te kunnen kiezen wat ik belangrijk vond. Nu werk ik aan de top van onze organisatie…en besef ik dat ook dit niet echt datgene is wat ik met mijn leven wil, waar mijn roeping ligt. Ik heb veel vrijheden die anderen niet hebben, bepaal mee de visie, missie en waarden van onze organisatie etc. Toch mis ik het counselen (één op één) en het werken met groepen. Daar ligt mijn ziel en passie, mensen begeleiden op hun zoektocht naar wie ze werkelijk zijn, wat ze werkelijk willen. Je kan je dan afvragen of ik gefaald heb…Neen ik heb een lange weg afgelegd, met vallen en opstaan en heb tijdens mijn reis veel geleerd…het leven is een voortdurend groeiproces…alleen ben ik soms afgeweken van mijn pad was ik even de weg kwijt om dan weer terug te keren naar mijn innerlijk bron, mijn specifiek talent, mijn levenstaak…Eindelijk ben ik nu bezig met het opzetten van een eigen zaak om mensen te begeleiden, naast mijn baan. Wat heeft me zolang tegengehouden? De beperkte overtuiging dat ik het niet alleen kan.
    Ik weet nu dat ik het wel alleen kan…Iedereen heeft zo zijn eigen beperkte overtuigingen die hen ervan weerhouden om hun talenten tenvolle te benutten. Pas wanneer je deze kan omzetten kan je vrij leven zoals dat goed is voor jou. Om dit te bereiken heb je liefdevolle begeleiders nodig die je niet sparen, die je een spiegel voorhouden. Op mijn pad kwam ik verschillende begeleiders tegen, die me steeds op een dieper niveau wisten te raken. Uiteindelijk moet je het wel zelf doen, maar je hoeft het niet alleen te doen. Loek en Peter Jan jullie waren voor mij twee engelen die me onder de vleugels namen toen ik het niet meer wist. Bij jullie begon mijn reis…

  3. Weer een boeiend blog Loek, en hoewel ik je verhaal reeds lang ken is het toch steeds weer boeiend om te lezen. Het deel over persoonlijke / innerlijke autoriteit is heel inspirerend. In jullie werk gaat het ook nu nog over de ‘nieuwe wereld’ , eerst en vooral in jezelf door het ontwikkelings groei-jaar om dan verder te evolueren op je eigen authentiek levenspad naar een wereld van gelijkheid, vrijheid en broederschap.

    Dank je, dank jullie wel !

    Lisette

  4. Ik weet niet of tijden zo veranderd zijn, jij praat over de periode 50 jaar terug, en natuurlijk is dat niet het zelfde als nu. Maar autoriteit komt nog wel voor, misschien niet meer op scholen/instituten, maar er bestaan nog autoritaire ouders, autoritaire werkgevers en er zijn mensen die zich prettig voelen om op autoritaire manier geleid te worden. Dat schept duidelijkheid en je hoeft zelf niet meer na te denken 
    Het zijn ook de mensen die bij je in therapie komen, en wel anders willen, maar zelf niet willen veranderen, of de gevolgen van veranderen niet willen dragen. Die hebben het liefst kant en klare antwoorden van jou als therapeut, als ze dat dan al uit gaan voeren, dan kunnen ze tenminste jou de schuld geven als het niet wordt wat ze verwacht hadden of als anderen vragen gaan stellen.
    Die mensen zijn jullie ook binnen de opleiding tegen gekomen, en vaak ontstaat er wel een verandering, en blijkt dat mensen net dat zetje nodig hadden om hun eigen autoriteit te ontdekken, soms haken ze af….en gaan ze doen wat ze altijd gedaan hebben. Zowel als opleider of als therapeut is het heerlijk om te zien dat mensen de stap zetten en zich laten leiden door hen eigen autoriteit en niet langer lijden onder de autoriteit van anderen.

  5. Prachtig verhaal, vol mooie levenslessen. Wat bij mij het meest resoneert vandaag is de opmerking van de Broeder Directeur over autoriteit. Hierin zie ik een mooie illustratie van intrinsiek versus extrensiek; vanuit je kern of van daarbuiten. Het intrinsieke is de ware kern van kracht, van bijvoorbeeld leiderschap en motivatie. In je latere cariere keuzes die je beschrijft zie je dat ook terug.
    De opleiding volgen bij jullie heeft mij enorm geholpen en ondersteund om ook op die manier mijn keuzes te maken, nog meer, nog krachtiger, nog meer gericht op (of vanuit) mijn kern.

  6. De Causaliteit van Macht

    Foucault beschreef de burgerij al als “gereguleerde angst en woede”. Dat heeft ons veel gebracht en ook dwingt het ons steeds naar de laag eronder te kijken.

    Want macht heeft een fnuikende causaliteit. Nog steeds. De eerste transgender die na de geslachtsverandering uit de kast kwam, heeft inmiddels een baan op het witte huis. Hoera!

    Het is flinterdun. Veel burgerij kokhalst letterlijk bij het idee. En bij de wisseling van de macht, kan veel weer worden teruggedraaid.

    Zit er dan per saldo geen vooruitgang in de emancipatiebeweging? Ik denk het wel. Verder ben ik geen cultuuroptimist pur sang.

    Alles is zoo contextueel en situationeel. Ik ben van het slag om de “wapens” op zolder te leggen voor het-geval-dat. Zolang er welvaart is, wordt veel geduld door de massa.

    Dank voor de aanzet, Loek.

Leave a Reply